De Nieuwe Toneelbibliotheek

Boekjeslijst
login | registreren?
toon laatste nieuws
Nieuws

Charlotte Köhler Stipendium Toneel voor Eva Jansen Manenschijn

Het Charlotte Köhler Stipendium 2020, een aanmoedigingstoelage voor literair talent, is op maandag 25 mei uitgereikt aan theaterauteur Eva Jansen Manenschijn. In het Van Deysselhuis nam zij een oorkonde en cheque ter waarde van €5.000,- in ontvangst.

Jansen Manenschijn krijgt het stipendium voor haar theaterteksten Niemandsland en Dubbelgangers. De jury, bestaande uit Marijn Lems (voorzitter), Willemijn Barelds en Michael Bijnens (laureaat toneel 2015), roemt het schijnbare gemak waarmee zij boeiende, dramatische situaties creëert met een sterke compositie en haar vermogen om lezers in de wereld van haar personages te trekken.

Het juryrapport:

'De jury van het Charlotte Köhler Stipendium kwam al snel uit bij de teksten van Eva Jansen Manenschijn vanwege het schijn-bare gemak waarmee zij boeiende, dramatische situaties creëert met een sterke compositie en haar vermogen om lezers in de wereld van haar personages te trekken. De personages in Niemandsland en Dubbelgangershouden de lezer in eerste instantie op afstand door de gestileerde manier waarop ze met elkaar spreken, maar geven langzamerhand blijk van duidelijke drijfveren en dilemma’s, die steeds duidelijker met elkaar in conflict komen. Hoewel ze door hun gemaniëreerdheid soms wat reliëf missen bevechten ze onderling psychologische kwesties die diepgravend en boeiend zijn. Wat de jury sterk waardeerde was het overtuigend uitgewerkte feministische karakter van beide teksten. In zowel Dubbelgangers als Niemandsland staat de zelfbeschikking van het vrouwelijke personage centraal, en in Niemandsland speelt ook het sociaal-economische klasseverschil tussen de hoofdpersonages een belangrijke rol. Jansen Manenschijn laat de verschillende perspectieven van de personages op boeiende manieren met elkaar in botsing komen, waarbij het gevoel van entitlement van de mannelijke personages subtiel wordt gedeconstrueerd door de vrouwelijke personages, die steeds meer in hun kracht komen te staan. Het levert een spannende machtsstrijd op, die des te boeiender blijft omdat ze door mensen wordt gevoerd die ondanks alles van elkaar houden.

In Dubbelgangers en Niemandsland vond de jury twee overtuigende teksten die ons doen verlangen naar meer werk van deze auteur. Ook waarderen we de eigen stem van Eva Jansen Manenschijn en haar duidelijke wens om teksten te schrijven die ook onafhankelijk van een specifieke opvoering overeind blijven. In een theaterlandschap waar steeds meer teksten zo vastgeklonken zijn aan een enkele productie, en waar auteurs daardoor te veel en te snel moeten werken, is deze eigenzinnige stem een welkome oase die we graag willen stimuleren in haar verdere werk.'

 

https://auteursbond.nl/charlotte-kohler-stipendium-toneel-voor-eva-jansen-manenschijn/?fbclid=IwAR2DSYk6iBLk4cfwOVCBX34OjC7zIAuVG0gs2SI4NXq4ElrF43mRpaksMBo

volkskrant 18 mei

'De Nieuwe Toneelbibliotheek is het grootste toneelarchief van Nederland. De uitgeverij heeft sinds 2009 (dankzij printing on demand) een kleine 700 toneelteksten kunnen uitgeven: 560 fysieke groene boekjes en de rest digitaal. Aanvankelijk was dit alleen nieuw Nederlandstalig werk, maar gaandeweg zijn er ook vertalingen en bewerkingen van klassiekers en buitenlands werk verschenen. Veel daarvan zijn gratis als PDF te downloaden en te lezen.'

De eerste vertalingen verschenen als nummer 15 –Anatol– en 16 –Woyzeck– nog ìn 2009 – wat ons betreft al vanaf het begin dus! Gezelschappen investeren alleen minder in vertalingen dan in nieuwe teksten – ervan uitgaande dat vertalingen vast nog wel ergens te verkrijgen zijn, wat helaas vaak niet het geval is…

 

meer: https://www.volkskrant.nl/cultuur-media/vier-redenen-om-nu-de-theaters-dicht-zijn-gewoon-de-toneelteksten-te-gaan-lezen~b630badd/?fbclid=IwAR0CpNNFSXxSWM5Bl7hZGgSL28fXeSWcPiskvHLE58gZy4HRvqKn2L1hZg8&utm_campaign=shared_earned&utm_medium=social&utm_source=facebook

Binnenkort al de VERSE TEKST in boekvorm en als online podcasts

Gisteren, zondag 10 mei,  zou in Theater Bellevue 'Een toneelschrijfding waar je bij moet zijn' worden georganiseerd met
– de Boyerlezing door Jetse Batelaan,
– de uitreiking van het Charlotte Köhlerstipendium,
– de Boyer Trofee
en
– de presentaties van de geselecteerde schrijvers en stukken van Verse Tekst 2020.
Hopelijk zien we elkaar live op 25 oktober in het theater daarvoor!
MEANWHILE kunnen we alvast online en papier aankondigen
zéééér binnenkort:
– podcasts van Tekst uit de la door Floor van Lissa waar de door het leesteam gekozen teksten kort worden gepresenteerd.
– de boekjes met de teksten bij De Nieuwe Toneelbibliotheek.
Zo kan iedereen in deze tijd toch al nieuw opzienbarend toneelwerk luisteren en lezen!
En dan hopelijk in oktober feestelijk veel meer en vooral: LIVE !

 

https://podcastluisteren.nl/pod/Tekst-uit-de-la?fbclid=IwAR2ThdTKQuvWIQm1vZ7M6lCScE2noEe82djQPUfd6Fa_7KQuM0enwaNAgxE

Ondertussen is al het vierde boekje verschenen in de reeks 10 nieuwe vlaamse …

#562 Hertenleer – Anna Carlier

#459 Langzaam gleed een berg het dal in – Laura Vroom

#457 Glory Box – Mira Brysinck

#451 Faren – Ellis Meeusen

Nieuwe tekst van Tom Lanoye online presentatie bij vaktijdschrift Etcetera

Etcetera presenteert een gloednieuwe theatertekst van Tom Lanoye. Op vraag van het Düsseldorfer Schauspielhaus herwerkte de schrijver het tweede deel van zijn iconische marathonbewerking Ten oorlog (1997). Hendrik VI & Margaretha di Napoli ging op 14 december vorig jaar in première in Duitsland. De veelgeprezen voorstelling kon echter door de coronamaatregelen niet meer opgevoerd worden. Daarom bieden we nu de Nederlandse vertaling van dit koningsdrama aan. Lanoye schrapte duchtig in de oorspronkelijke tekst, maar schreef ook tal van nieuwe scènes – met name de monsterlijke Richard III werd een stuk deerniswekkender. 

 

 https://e-tcetera.be/hendrik-vi-margaretha-di-napoli-tom-lanoye-d-haus/

DeClaus zet nu bijna elke week een nieuwe tekstbespreking online: hier Faren van Ellis Meeusen

Een gedicht van stemmen en eenzaamheid

DeClaus Theatertekstkritiek: 'Faren' van Ellis Meeusen Nora van Arkel
24 april 2020

Faren van Ellis Meeusen is een poëtisch, eigenzinnig stuk geïnspireerd door de Orpheusmythe. Het gaat over Lucie, een meisje dat op weg is naar haar broer Max in Frankrijk. Ze zit in de auto met haar geliefde Younes. Een steeds prangender wordende actualiteit van hun autorit wordt afgewisseld met herinneringen aan haar jeugd. Haar broer woont vlakbij Mont Ventoux, de plek waar zij vroeger met hun ouders altijd op vakantie gingen. De vrouw van haar broer staat op het punt om te bevallen en Lucie doet haar best om zo snel mogelijk in Zuid-Frankrijk te geraken, als de stemmen van de levenden en doden door elkaar heen beginnen te echoën.

Het stuk bestaat uit vijftien scènes van wisselende lengte, plus een proloog. De kortste scène kent slechts vijf regels, maar had ook niet langer hoeven zijn. Kenmerkend aan Faren is de organische vorm die de tekst aanneemt. Dit uit zich in een aantal aspecten. Elke scène is precies zo lang als hij moet zijn – er worden nergens meer woorden gebruikt dan nodig. Door spaarzaam om te gaan met haar woorden, bereikt Meeusen het effect dat elk woord belang lijkt te hebben, zonder dat dit geforceerd overkomt. Elke regel heeft een functie en geeft vorm aan een emotie.

Ook hangen de scènes in Faren onderling op organische wijze samen. Haast moeiteloos maakt Meeusen sprongen in de tijd, van het vertelheden waarin Lucie in de auto naar Frankrijk zit en verschillende punten in de herinneringen van Lucie, van herinneringen aan haar familie, de eenzaamheid alleen in het grote ouderlijke huis, tot aan de eerste ontmoeting met haar vriend. Aan het eind van het stuk smelten deze twee lijnen samen in een even emotioneel verwoestende als prachtig mooi geschreven climax.

Faren is een bijzonder poëtische tekst, niet alleen wat stijl betreft, maar ook qua vorm en formele aspecten. Waar ze weinig woorden gebruikt om veel te zeggen, is Meeusen al net zo spaarzaam met andere hulpmiddelen van de geschreven taal. Ze gebruikt geen hoofdletters, punten of komma’s: het ritme van de tekst wordt volledig gedicteerd door enters en witregels. Het leest als een gedicht.

Neem een enkele pagina uit het script van Faren, een herinnering van Lucie aan de tijd dat ze met haar ouders en broer op vakantie was in Frankrijk:

op dag drie
rijden we met de opel astra
de mont ventoux op
langs het monument
voor de fietser die van zijn fiets viel
in de tour van zevenenzestig

kreeg hij een monument omdat hij van zijn fiets viel
vraag ik

nee zegt max
mijn broer weet dat soort dingen
omdat hij van zijn fiets viel
en stierf

een week later
fietst mijn vader
de berg op

een berg waar mensen van hun fiets vallen
en sterven

max beweert
dat het er op de maan
ongeveer net zo uitziet
als boven op de mont ventoux

ik heb nog nooit de maan
van dichtbij gezien
maar max weet dat soort dingen
en ik geloof hem altijd

nog eens drie dagen later
rijden we terug naar huis

later kom ik hier wonen
zegt max
terwijl hij nog een laatste keer
omkijkt naar de berg

niemand gelooft hem
behalve ik

Door het gebruik van witregels, regelafbrekingen en herhalende motieven – zoals het geloof in haar broer – creëert Meeusen een ritme in de tekst die een sterke vertelstem afdwingt. Bij het lezen van de tekst wordt vanzelf een beeld gevormd van hoe dit personage praat: Lucie is haast hoorbaar, net zoals haar broer Max, al is het de Max zoals hij in haar herinnering bestaat.

Op meerdere punten in de tekst speelt Meeusen met het afbreken van zinnen, het weergeven van onafgemaakte gedachtes in hun imperfecte vorm, wat ervoor zorgt dat de lezer meegaat in het hoofd van Lucie, juist omdat sommige gedachtes te pijnlijk zijn om te denken. Faren is geen monoloog, maar ook geen dialoog: op alle momenten hangt de tekst tussen deze vormen in, zonder een echte keuze te maken. Dit zorgt voor een prettige intensiteit en betrokkenheid bij het leven van Lucie.

Opvallend is dat aan het begin van de tekst geen opsomming van de ‘personages’ staat weergegeven, maar een lijst met ‘stemmen’. De andere stemmen – die overigens niet elke scène aan bod komen – worden onderscheiden van die van Lucie door het gebruik van inspringingen, wat voor een natuurlijke leeservaring zorgt. Faren is een stuk dat volledig gaat over stemmen in al hun meervoudigheden, hun aanwezigheid alom in het leven van Lucie. Lucie wordt omringd door allerlei stemmen, maar wordt ook verlaten door de stemmen, of de mogelijkheid om zich deze stemmen te herinneren. De tijd laat de stemmen vervagen, waardoor ze zich al op jonge leeftijd eenzaam en verdrietig voelt.

Als Lucies opa op sterven ligt zegt de verpleger tegen haar:

dat ik nog best iets mag zeggen
tegen mijn grootvader
want dat het gehoor
het zintuig is
dat het langste blijft
bij mensen die gaan sterven

Ze denkt over wat ze wil zeggen, wat ze nog met hem zou willen doen, maar dan is het al te laat.

maar omdat ik de verpleger
niet helemaal geloof
en omdat ik voel
dat max meeluistert
doe ik het niet
en tegen de avond
is mijn opa dood.

Het grootste verdriet schuilt echter in het moment dat Lucie zich niet meer kan herinneren hoe de stem van haar opa klinkt, nu al niet meer. Ze vraagt haar broer of haar opa nog zou weten hoe haar stem klinkt, nu ze niks meer tegen hem gezegd heeft vlak voordat hij overleed. Max denkt van niet, dat opa waarschijnlijk niets meer weet, en daarmee is het drama compleet. Er gaat een enorm verlangen uit van deze zoektocht naar de stemmen uit het verleden, het contact dat onderhouden wordt door het onthouden van iemands stem.

Op meerdere momenten komen er nog andere stemmen langs in het stuk, zoals de onbegrijpelijke Franse stemmen op de radio, waarbij Younes op zoek gaat naar iets verstaanbaars, de voicemail van Lucies moeder en van Younes zelf. Op elegante wijze laat Faren zien dat soms stemmen alles zijn dat overblijft van de mensen die we kennen, van hun herinneringen en van wie ze zijn. Samen verweeft Meeusen de stemmen van het verleden, heden en de toekomst tot één krachtige vertelstem die de lezer meetrekt in de pijn van Lucie.

Faren werd oorspronkelijk geschrevenals masterproef aan de LUCA School of Arts in Leuven. Meeusen is naast schrijver ook acteur – naar eigen zeggen een acteur met een grote fascinatie voor tekst – wat op positieve wijze terug te zien is in het stuk. Het personage van Lucie voelt doorleefd en levensecht aan en op geen enkel moment is er grond voor twijfel aan haar motieven of ervaringen, hoe ver ze ook van de lezer af staan.

Jonge schrijver Ellis Meeusen heeft met Faren een intrigerend en emotioneel overweldigend toneelstuk geschreven, meer dan alleen een indrukwekkende masterproef. De poëtische kracht van haar vertelstem zal hopelijk nog in veel nieuwe stukken te beluisteren zijn.

 

https://www.theaterkrant.nl/kritiek/een-gedicht-van-stemmen-en-eenzaamheid/?fbclid=IwAR2Tst05gM_okPj-VsdsRGDMMxXg-5_SsP4nJxL01rMK1lHNu9oym_G3XGw

Teksten van Bruno Mistiaen, Vincent van der Valk en Sarah Blok geselecteerd voor Verse Tekst 2020

 

Platform Theaterauteurs laat hun (nog) niet gespeelde toneelteksten uitgeven en bespreken opdat zij zo, met deze extra aandacht, hopelijk toch een keer geënsceneerd zullen gaan worden.

Verse Tekst is sinds 2005 een open inzendronde van het Platform Theaterauteurs voor (nog) niet gespeelde toneelteksten van professionele toneelschrijvers uit Nederland en Vlaanderen.

Dit jaar las het leesteam, met Joris van der Meer, Bodil de la Parra, Frank Siera, Sanne Nouws en Rob de Graaf, 64 niet geënsceneerde theaterteksten.

 

Het meeste indruk op het leesteam maakten

De golem van Molenbeek van Bruno Mistiaen,

En zo zou het een nooit meer het ander zijn van Vincent van der Valk

en

Het gemoed van Ricardo van Sarah Blok.

 

Platform Theaterauteurs laat deze drie teksten dit jaar verschijnen in de reeks van De Nieuwe Toneelbibliotheek en recenseren door dramaturg Joris van der Meer.

Een eervolle vermelding kreeg  De Bonte Augustus van Jeremy Baker.

 

De presentatie van de teksten op het programma ‘Een toneelschrijfding waar je bij moet zijn’ is verplaatst van 10 mei naar 25 oktober 2020. Die middag in Theater Bellevue houdt Jetse Batelaan ook de jaarlijkse Boyerlezing en wordt het Charlotte Köhler Stipendium uitgereikt aan een beginnend theaterauteur.

Uitgelicht

Met bijzondere tekst van Ellis Meeusen begint de reeks: tien nieuwe vlaamse

inkijken bestellen

De Nieuwe Toneelbibliotheek  krijgt dit jaar de kans 10  nieuws vlaamse  teksten en schrijvers onder de aandacht te brengen. De eerste tekst is van schrijver, toneelspeler Ellis Meeusen. Een mooi gecomponeerde tekst. Een jonge vrouw rijdt met haar lief naar het zuiden van Frankrijk, een rit die ze vroeger jaarlijks met haar gezin maakte. Herinnering en heden lopen door elkaar, terwijl ze de weg zoeken in een donkere nacht.

(…)

 

drie kwartier later
zijn we lyon voorbij
is de gps het noorden kwijt
en rijden we hopeloos verloren

zo komen we er nooit

rond ons alleen velden
ook in de verte
geen dorp
waar we de weg
kunnen vragen

ik heb honger
en dorst
voel dat ik
niet meer helder
kan nadenken
ik hoor mezelf snauwen
tegen younes
of hij misschien
een kaart kan zoeken
in het handschoenkastje

    misschien hadden we
    op de autostrade
    moeten blijven

hij zegt het
voorzichtig

ja
misschien ja
of misschien hadden we
niet moeten komen
misschien hadden we
de trein moeten nemen
misschien had jij
je rijbewijs moeten halen

nee
niet doen
niet zeggen
dat je het begrijpt
je begrijpt het niet
jij begrijpt hier
helemaal niks van

het allereerste boekje van De Nieuwe Dansbibliotheek is er

Papier incomestible is 'a reading performace, uitgegeven in de serie dansnotaties van de nieuwopgerichtte zusterorganisatie van De Nieuwe Toneelbibliotheek. DNDB brengt notaties, secundaire teksten en vertalingen uit in handzame boekjes, om een beter inzicht te geven in de praktijk van dans en choreografie in Nederland en Vlaanderen.
 
Notaties leggen informatie vast met behulp van tekens of symbolen. Chemische formules, partituren en dansnotaties zijn er voorbeelden van. Sommige notaties zijn gebaseerd op een formeel systeem en sommige van die formele systemen zijn wereldwijd in gebruik. Choreografen en dansers maken vaak gebruik van particuliere vormen van notatie. Voor een aantal onder hen is de notatie een zelfstandige, choreografische vorm geworden. De Nieuwe Dansbibliotheek wil alternatieve vormen van notatie bevorderen en toegankelijk maken voor een breder publiek.
 
De Nieuwe Dansbibliotheek is een zuster-uitgave van De Nieuwe Toneelbibliotheek en staat onder redactie van Fransien van der Putt en Ditte Pelgrom.
 
De Nieuwe Toneelbibliotheek heeft als missie toneelrepertoire beter beschikbaar te maken voor Nederland en Vlaanderen. DNTB doet dit door via print on demand uitgaven van toneelteksten in kleine boekjes èn het aanbieden van een digitale bibliotheek. Hiermee wordt de Nederlandstalige toneelschrijfkunst -de schrijver, zijn oevre en het discours – onder de aandacht gebracht van het juiste publiek: schrijvers, studenten, makers, lezers en toeschouwers.

DNDB gaat haar tien jaar oudere zuster met genoegen achterna, al zal het een eigen praktijk van publiceren moeten ontwikkelen van teksten en andere dingen op papier voor en over dans en choreografie.
 
 ENG
This is book number 1 of De Nieuwe Dans Bibiotheek. DNDB publishes notations, secondary texts and translations in handy booklets, in order to provide an insight into the practice of dance and choreography in the Netherlands and Flanders.
 
Notations capture information using signs or symbols. Chemical formulas, scores and dance notations are examples of this. Some notations are based on a formal system and some of those formal systems are used worldwide. Choreographers and dancers often use private forms of notation. For some of them the notation has become an independent, choreographic form. The New Dance Library wants to promote alternative forms of notation and make these accessible to a wider audience.
 
De Nieuwe Dansbibliotheek is a sister publication of De Nieuwe Toneelbibliotheek and is edited by Fransien van der Putt and Ditte Pelgrom.
 
De Nieuwe Toneelbibliotheek has the mission to make contemporary theater repertoire better available for the Netherlands and Flanders. DNTB does this through print on demand publishing of theater texts in small booklets and offering a digital library. With this, Dutch and Flemish theater writing - the writer, the oevre and the discourse - is brought to the attention of the right audience: writers, students, makers, readers and spectators.

DNDB will gladly follow its ten year older sister in her footsteps, while developing a specific practice of publishing texts and other things on paper for dance and choreography.

Tweede bundeling van Heiner Muller-vertalingen is gereed!

inkijken bestellen

Nadat Marcel Otten eerst los werk van Muller (her)vertaalde in Eenzame teksten die op geschiedenis wachten [boekje#450) is nu ook de bundeling met Mullers bewerkingen van Shakespeare gereed. Shakespeare Factory bevat: Dear William, Toen we op de middelbare school, Anatomie Titus Fall of Rome Een Shakespearecommentaar, Grafschrift van Falstaff, Shakespeare een verschil, Vissenkadavers met een zilveren buik, De Hamletmachine, Duitsland is Hamlet,Lear, King Lear, LEAR een verenigingsruimte (geen commentaar), Macbeth, Ga Ariël, De reizende Shakespeare plus een reconstructie van Dear William mèt een facsimile. De bundel wordt afgesloten met een nawoord van Prof. Em. Luk van den Dries.

Een nieuw WITboekje in de reeks

inkijken bestellen

De wittereeks in de collectie vanDe NIeuwe Toneelbibliotheek is er om dat werk te publiceren dat in de vaste format niet past. Het geeft de schrijver/kunstenaar zogezegd een carte blanche. Los van het formaat kan alles anders.

Deze keer gaat het om een draaiboekje van de Vlaamse kunstenaar en theatermaker Stefanie Claes die een draaiboekje tekende van de voorstelling zonder tekst Mia Kermis.

‘Mia Kermis’ is een ode aan alle vondelingen en aan de verbeelding en nieuwsgierigheid naar onze oorsprong. Met zelfgemaakte poppen en tekeningen vertelt Claes het woordeloze verhaal van Mia Kermis, een vondeling die opgroeit en op zoek gaat naar zichzelf, om zo zelf te kunnen groeien. Een intieme miniatuurvoorstelling voor volwassenen waarbij kinderen welkom zijn.'

Niet toneelspelen en vijftig andere spelaanwijzingen

inkijken bestellen

In een spelles of een repetitie op de vloer krijgt een toneelspeler vaak aanwijzingen waarvan de betekenis onduidelijk is. Bijvoorbeeld: ‘Maak het groter. Pak het vakmatiger aan, maar hou de intentie vast. Niet nadenken’. De aanwijzingen hebben het karakter van vaktermen. Ze worden zo vanzelfsprekend gebruikt dat het lijkt alsof er algemeen geldende definities voor zijn. Maar dat is niet zo. Daarom is er dit boekje waarin twaalf theaterdocenten en -studenten, samen een afspiegeling van de gemiddelde bevolking van een toneelschool, eenenvijftig theatertermen hebben verklaard.